Schilderijen van Jo Willems in Het Pakhuis in Cuijk.
Op zondag 12 oktober 1980 hoorde Jo Willems (1954) voor het eerst van Salvador Dali. Het was de dag van zijn eerste expositie in zijn geboorteplaats Langenboom. Bezoekers wezen hem op overeenkomsten in hun schilderstijlen. Zonder ooit iets van zijn legendarische vakbroeder te hebben gezien, besefte Jo Willems dat hij een surrealist was… Vele jaren zijn verstreken en inmiddels is Jo Willems een zelfbenoemd ‘realist met een surrealistisch tintje’. “Ik wil dingen neerzetten waarvan mensen zeggen: ‘Is dít geschílderd…?’ Kijk naar de details: een bloem is een universum op zich.”
Gevraagd naar de essentie van zijn werk, zegt Jo Willems: “Ik wil iets weergeven wat er eigenlijk niet is, en toch wel. Beelden die niet bestaan, maar niettemin een bepaalde herkenning geven. Geen zwaarbeladen scènes, geen diepgaande boodschappen, echt niet! Maar ik geef wel herkenningspunten mee waardoor de beschouwer geraakt kan worden.” Zijn bedrieglijk echte en toch onwerkelijke beelden zijn opvallend gedetailleerd, verrassend en vernieuwend. Een enkele kritische noot gaat altijd gepaard met een humoristische ondertoon. Ook uit de vaak hilarische titels blijkt de ondeugd en de levensvreugde van de schilder.
Om zijn technische kennis te verbreden, gaat hij eerst naar de Vrije Academie om daarna te worden toegelaten aan de Kunstacademie in Arnhem, op grond van prestatie en motivatie.
Niettemin is Jo Willems autodidact te noemen, want na twee jaar besluit hij te stoppen met de opleiding. Hij krijgt er het gevoel dat men hem wil abstraheren en dat past niet bij hem. Hij heeft dan namelijk al een eigen stijl ontwikkeld en daar wil hij ook bij blijven, geïnspireerd als hij is door onder andere Dali, Magritte, Willink en Delvaux.
In het begin van zijn carrière worden de kleuren rechtstreeks uit een tube geperst. Maar dat levert niet altijd het gewenste resultaat op. Gecombineerd met Jo’s passie voor de samenstelling van kleuren leidt dit ertoe dat hij overgaat op het zelf mengen ervan. Dat is zo gebleven. Daarbij gebruikt hij enkel de drie zuiverste primaire kleuren (cyaan, magenta en geel) en wit. Zwart is voor hem ‘verboden’. Heldere kleuren en het spelen met perspectief geeft zoveel mogelijk diepte in zijn werken. Aan het eind van het millennium weet Jo Willems zich te ontwikkelen tot een betekenisvol kunstenaar.
Jo Willems werkt altijd maar aan één schilderij tegelijk. “Daar word ik dan volkomen door opgeslokt. En het is pas klaar als het naar mijn idee ook echt ‘af’ is.” “Ja, ik ben een trots mens. Een of ander iets heeft mij de gave gegeven dit te doen. En dat doe ik met passie, het is mijn liefde.”
Jo Willems werkt ook in opdracht, zoals portretten. Verder maakt hij objecten in glas-in-lood en brandschildert hij. Maak een afspraak of bezoek zijn atelier.
Bron: The Write House tekstproducties, 2024.
Kom kijken en geniet tevens van de Heemtuin en de Beeldentuin.
De toegang is gratis.
